Future_of_Mobility_AVB_Next2Company.png

Nieuwe mobiliteit vraagt om nieuwe bewegingen

1. Verandering alom

Er verandert steeds meer en bovenal veel tegelijkertijd op verschillende terreinen van de samenleving. Energie, zorg, milieu, water, bouw en huisvesting om er maar een paar te noemen. In dit rijtje hoort ook mobiliteit. We leven volgens Jan Rotmans niet in een tijdperk van veranderingen maar in een verandering van een tijdperk (Rotmans bron 1). Er is een heuse transitie aan de gang. Van verticale structuren naar horizontale structuren, van centraal naar decentraal en van top-down naar bottom-up. Niet meer staan systemen, organisaties of producten centraal, maar de mens met zijn wensen voor welvaart, welzijn en geluk.

Er moet dus fundamenteel anders en vernieuwend gedacht worden over - en binnen - deze verschillende terreinen van de samenleving. Ook mobiliteit is fundamenteel aan vernieuwing toe (Bérénos, 2015). Niet mobiliteit 2.0, maar mobiliteit 3.0 is het adagium voor de Future of Mobility.

In een omgeving die veranderd door technologie (IT en infrastructuren als internet, sociale media, big data), ruimtegebruik, veranderende economie, demografie en sociaal-maatschappelijke processen, moet mobiliteit mee-veranderen en vice versa.

In deze blog laten we zien welke bewegingen allemaal aan de orde zijn en hoe momenteel mee omgegaan wordt en moet worden.


2. De basis

De mens is een sociaal wezen (Aristoteles, 400 jaar v.C.) en heeft als één van de basisbehoeften met elkaar communiceren. Een samenleving waar communiceren met elkaar moeizaam of oncomfortabel verloopt is niet op orde. Het communiceren met elkaar roept mobiliteit op. Heel basaal gaat het bij mobiliteit dan over de communicatie tussen mensen, enerzijds fysiek (verplaatsingen, vervoer, verkeer) en anderzijds niet-fysiek, lees: digitale mobiliteit (internet, sociale media, telefoon).

Het ultieme van de ‘mens centraal’ in het vakgebied transport en mobiliteit, is het uitgaan van deze basisbehoefte aan communiceren, en niet van infrastructuur en techniek. Eigenlijk meer de Why hanteren en minder de What en How. Met daarnaast, net zo essentieel, de gebruikers steeds voor ogen hebben bij het bedenken van interventies en maatregelen.

We kunnen op twee manieren naar het fenomeen mobiliteit kijken. Mobiliteit enerzijds als object van studie en anderzijds mobiliteit als een marktsysteem van vraag en aanbod met organisaties en bedrijven die daarop inspelen.


3. Mobiliteit als object van studie

In de bewegingen binnen mobiliteit als object van studie zijn er vier domeinen te onderkennen. Zie ook afbeelding 1.

Infrastructuur

Dit domein is eigenlijk historisch bepaald. Als mobiliteit aan de orde was ging en gaat het nog altijd ook over de fysieke infrastructuur, wegen, kanalen, stations etc. Duidelijk is dat daarnaast ook steeds meer sprake moet zijn van de digitale infrastructuur.

Vervoermiddelen

Hier hebben we het over de verschillende vervoermiddelen, en ook lopen, over ieder in principe hun eigen infrastructuur. Met voertuigen (wel of niet autonoom rijdend) met verschillende soorten aandrijvingen (wel of niet elektrisch en wel of niet met elkaar communicerend) en bij auto’s de incar en outcar systemen.

Afbeelding 1: Mobiliteit als object van studieFuture_of_Mobility_AVB_Next2Company.png


Organisatie

Twee beelden van organisatie kunnen er gegeven worden. Enerzijds de organisatie van bedrijven en instellingen zelf en anderzijds de organisatie van het fenomeen mobiliteit, de mobiliteitsmarkt van vragers en aanbieders. Op het eerste zullen we in deze blog op focussen, zie paragraaf 4.

Centraal de mens, de (potentiële) gebruiker

Dit lijkt zeer vanzelfsprekend, echter niet altijd blijkt de mens echt centraal te staan in het thema mobiliteit.


4. Organisaties, bedrijven en hoe gaan die met de nieuwe mobiliteit om?

In deze blog willen we vooral stilstaan bij hoe bedrijven en instellingen georganiseerd zijn c.q. zouden moeten zijn, kijkend naar nieuwe mobiliteit. Dit doen we aan de hand van de 4 O’s hieronder.

Ondernemers

Zie afbeelding 2 Future of Mobility: Verschuiving in het mobiliteitslandschap qua organisatie. Waar organisaties voorheen vooral gericht waren op het leveren van mobiliteitsdiensten langs de gehele gebruikersketen (letterlijk van A naar B), zien we nu verschuiving ontstaan naar meer gefragmenteerde deeloplossingen en technologische applicaties. Een aantal relevante vormen van organiseren zijn o.a. het autodelen, het gebruik van data om mobiliteit te optimaliseren en on demand mobility. Daarnaast zien we meer specialistische organisaties die zich met digitale infrastructuur en hardware richten op het mogelijk maken van diverse mobiliteitsdiensten.

Afbeelding 2 Overzicht van verschuiving in mobiliteitslandschap naar gefragmenteerde deeloplossingen

blog_2.jpg


Door de toenemende mate van digitalisering in de mobiliteitswereld, wordt het voor het bedrijfsleven makkelijker om laagdrempelig te experimenteren met nieuwe mobiliteitsdiensten en transportconcepten. Ook zien we dat gevestigde partijen in de vervoers- en mobiliteitsmarkt meer concurrentie ondervinden van kleinere, innovatieve partijen die vaak een beperkt aantal oplossingen bieden, maar wel op grotere schaal. Ook hierin speelt het gemak van digitale technologie voor de ondernemer en de eindgebruiker een rol.

Overheden

Overheden krijgen een veranderende rol en moeten deze wel op zich nemen. Dit zit vooral in de transitie van centraal naar decentraal en de burger die steeds meer het heft in handen neemt (consumerization). Overheden moeten zich dus anders gaan organiseren. Hier en daar wordt gesproken over de regierol van overheden. Dat anders organiseren is relatief bij overheden niet zo makkelijk als bij bedrijven, waar de lijnen vaak directer lopen en de doelen minder dimensies of complexiteit kennen.

Onderwijs

Onze observatie is dat in het onderwijs de echt ter zake doende bewegingen moeizaam of zelfs niet op gang komen. Zo is er bijvoorbeeld nog steeds geen nieuw vigerend beeld van de toekomstige vakprofessional (beroepsprofiel), als we het over mobiliteit hebben, laat staan van wat het vakgebied zelf is en zou moeten zijn in de toekomst.

Onderzoek

Hier loopt het naar ons beeld goed. Nieuwe bewegingen in het onderzoek zijn gaande. Te noemen zijn bijvoorbeeld de invloed van technologische ontwikkelingen (voertuigen en digitale communicatie middelen en ICT) op mens en maatschappij, smart mobility en de relatie met society & mankind. Maar ook de invloeden van maatschappelijke, economische en ruimtelijke ontwikkelingen op mobiliteit en vice versa komen van de grond.


4. Samenvattend

Bij allerlei veranderingen moet mobiliteit mee veranderen. Nieuwe mobiliteit vraagt om vernieuwend en fundamenteel anders denken over dit fenomeen.

Mobiliteit als object van studie -zie afbeelding 1- moet steeds integraal bekeken worden. Waar liggen binnen mobiliteit de oplossings- en interventieruimtes voor het beheersen van dit fenomeen en wat dit fenomeen teweeg brengt voor mens, maatschappij en milieu?

Duidelijk is dat ondernemers zich beter en efficiënter opnieuw kunnen organiseren, waardoor er ook kansen ontstaan voor kleinere ondernemers. In het anders organiseren van overheden ligt een immense taak. Grosso modo loopt onderwijs volgens ons achter op de veranderende wereld, terwijl het onderzoek best goed reageert op dergelijke ontwikkelingen.

We benoemen een aantal zaken die in een versnelling moeten komen, en doen concrete voorstellen voor acties hiertoe voor het onderwijs, overheden en ondernemers.

Onderwijs, vooral dat wat “des mobiliteits” is, moet zich anders gaan organiseren. Er is veel versnippering van kennis en onderwijs. Er zouden veel meer multilaterale afspraken en samenwerkingen moeten zijn: onderwijs 3.0. Bilateraal samenwerken is onvoldoende in een kantelende maatschappij en is toch een vorm van versnippering. Onderwijs 3.0 levert ook veel meer mogelijkheden voor een mensgerichte, meer op de persoon toegesneden onderwijs. Samenwerkingsverbanden en het distant learning maken het mogelijk dat studenten een persoonlijke invulling kunnen geven aan hun studie.

Wat mobiliteit betreft moet er zo snel mogelijk duidelijkheid komen over wat dit vakgebied nu is en inhoudt. Er zijn verschillende meningen en opvattingen hierover die nog niet voldoende gedeeld worden. Al een aantal jaren wordt gepleit voor een denktank onderwijs, om orde op zaken te stellen en voor te sorteren op die veranderende omgeving in een veranderende wereld.

Overheden moeten zich ook anders gaan organiseren. Verticale structuren veranderen in horizontale structuren, meer bottom-up en minder top-down. Overheden zouden meer en meer een regisserende rol moeten vervullen. Daartoe zouden bijvoorbeeld overheden op de hoogte moeten blijven van vernieuwingen in het mobiliteitslandschap qua organisatie en qua kennis Een studie hoe een en ander moet en wat dat allemaal inhoudt is dan zeker op zijn plaats.

Ondernemers spelen in bovenstaande dynamiek een drijvende rol en spelen vooral in op nieuwe mobiliteit door versneld te werken aan vaak technologisch slimme deeloplossingen. De opgave is, om slimme technologieën een toepassing te geven die integraal de belevingservaring van de eindgebruikers verbetert. Dit kan op het vlak van smart mobility en smart logistics (data is ondersteunend en faciliteert ook samenspel tussen oplossingen), maar ook door soms verrassende verbindingen te maken tussen partijen en toepassingen die op de eerste blik niet interessant lijken.

Elke organisatie zal dus slim moeten inspelen op veranderende mobiliteitsbehoeften en een veranderd vakgebied. Hierin is een brede en cross-sectorale aanpak nodig. Oplossingen voor behoeftes of vraagstukken liggen niet meer in een enkel vakgebied, maar vaak op het snijvlak van verschillende invalshoeken uit verschillende sectoren. Dit is ook een brede integrale kijk op mobiliteit.

Dit vraagt wel om een andere mindset en het open staan voor innovatie en vernieuwing in de mobiliteitswereld, samen met andere partijen. Vernieuwende technologie kan hierbij faciliterend zijn en leiden tot duurzame verdienmodellen die maatschappelijke en economische waarde hebben. Next2Company kan hierin faciliteren als verbinder en versneller van innovatieve trajecten en het organiseren van vernieuwing. Dit doen we vaak in een brede coalitie van partijen, juist om het belangrijke cross-sectorale aspect -integraliteit- al vroeg in het innovatieproces te verankeren.


Bronvermelding

1. Rotmans, J, “Verandering van een tijdperk, Nederland kantelt”, 2014

2. Bérénos, M, “Ook mobiliteit is aan kantelen toe”, 2015 http://verkeerskunde.nl/blog/blog/ook-mobiliteit-i...